gilde van vrijwillige molenaars, afdeling limburg

Wind en stromend water vormden eeuwenlang de energiebron voor ambachtelijke en vroeg- industriële processen. Elk dorp had zijn eigen korenmolen en door het innovatieve vermogen van molenmakers werden naast die graanmolens ook oliemolens, houtzaagmolens, papiermolens en volmolens ontwikkeld.

In het begin van de negentiende eeuw kende Limburg grote industriemolens zoals de Volmolen in Epen en de papiermolens van Mechelen, Gulpen en Meerssen. Maastricht was nooit als industriestad tot ontwikkeling gekomen zonder de watermolens op de Jeker, die grondstof bewerkten voor de aardewerkindustrie. Later werden deze molens omgebouwd tot korenmolens.

Bij de ontginning van de Peel als landbouwgebied ontstond de behoefte aan nieuwe windmolens. Vaak werden molens elders in Nederland opgekocht en hier herbouwd.

Het molenbestand in Limburg is door al deze ontwikkelingen heel divers. Om deze monumenten van bedrijf en techniek in stand te houden moeten zij regelmatig in werking worden gesteld . Dit gebeurt door enthousiaste molenliefhebbers, verenigd in de Limburgse afdeling van het Gilde van Vrijwillige Molenaars (GVM). Het GVM verzorgt opleidingen voor mensen die in hun vrije tijd monumentale wind- en watermolens willen laten draaien.

Ga direct naar de website www.limburgsemolens.nl
nieuws
  • 07 maart 2014 Molenstichting Limburg presenteert uniek omgevingsmodel voor watermolens
    In de watermolen van Sittard, de Ophovenermolen, is op 6 maart een onderzoek van de Molenstichting Limburg aangeboden…
    In de watermolen van Sittard, de Ophovenermolen, is op 6 maart een onderzoek van de Molenstichting Limburg aangeboden aan de verantwoordelijk gedeputeerde voor de Limburgse monumenten, Noël Lebens. De voorzitter van de Molenstichting Limburg, Kees van Rooij, was zeer verheugd met de unieke nieuwe inzichten die in het rapport beschreven staan: “Voor het eerst is een model ontwikkeld waarmee de omgeving van watermolens (de zogenaamde watermolenbiotopen) kunnen worden beoordeeld op hun impact op de molen. Zo worden de natuur- en cultuurwaarden in dalen van wateren rond de molen zichtbaar. Dat is van belang bij het maken van keuzes op het gebied van bijvoorbeeld landschapsontwikkeling en toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Het is een zeer bruikbare methode –zelfs een Europese primeur- die van grote betekenis kan zijn voor de instandhouding van watermolens.”
     
    Limburg is de schatkamer van het Nederlandse watermolenbestand. “Watermolens hebben het Limburgse landschap eeuwenlang gevormd en zijn dus sterk bepalend voor de kwaliteit van deze gebieden!”, aldus onderzoeker Hans de Mars van RoyalHaskoning DHV, die de methode heeft ontwikkeld.
     
    Wind en water
    Er was al een methode om de kwaliteit van windmolenbiotopen te meten. Deze is in Limburg uitgevoerd door de Molenstichting Limburg en de Monumentenwacht Limburg. De hoeveelheid wind die een molen kan vangen kan bijvoorbeeld belemmerd worden door hoge bomen en gebouwen terwijl voldoende draaien van belang is voor molens om de mechaniek goed werkend te houden. De methode van de windmolenbiotopen kan echter niet worden gebruikt voor watermolens. Limburg neemt met ongeveer vijftig waardevolle watermolens een unieke positie in Nederland in. Daarom is de methode die nu gepresenteerd is van essentieel belang voor de toekomst van het Limburgse watermolenbestand.

    Watermolenpaspoort
    Iedere watermolen waarvan de biotoop in kaart is gebracht ontvangt een zogenaamd watermolenpaspoort. Hierin worden zowel de monumentale als landschappelijke waarden uitgebreid omschreven.
     
    De Molenstichting Limburg wil de komende jaren blijven werken aan het actueel houden van de basiskennis over de Limburgse molens en het bevorderen van en adviseren over het behoud van molens in Limburg en hun ruimtelijke omgeving. Daarbij is het in kaart brengen van watermolenbiotopen een bijzonder punt van aandacht. Het is de ambitie om voor alle Limburgse watermolens een watermolenpaspoort te laten maken. Vervolgens zou een Limburgse atlas van wind- en watermolenbiotopen ontwikkeld kunnen worden. Hiervoor wordt nog gezocht naar middelen.
     
    Meer weten?
    Neem contact op met de Molenstichting Limburg via telefoonnummer 0475-399287. Het volledige rapport kan hier gedownload worden. Tijdens de Avond van de Limburgse Molen op 17 maart in Nederweert-Eind wordt het rapport uitgebreid toegelicht door onderzoeker Hans de Mars van RoyalHaskoning DHV. Aanmelden hiervoor is mogelijk via info@limburgsemolens.nl.
     
agenda
  • 11 september 2013 - 14 mei 2014 Opleidingen Molenaar en Molengids van start
    In september gaan de opleidingen tot (vrijwillige) molenaar en (vrijwillige) molengids weer van start. “Welkom…
    In september gaan de opleidingen tot (vrijwillige) molenaar en (vrijwillige) molengids weer van start. “Welkom op de molen!” Stel je eens voor dat je dat straks kunt zeggen tegen de bezoekers van een Limburgse wind- of watermolen. En dat je hun dan alles kunt vertellen over de geschiedenis en de techniek van dat bijzondere bouwwerk? En kunt laten zien hoe het werkt? Lijkt het iets om op vrije dagen lekker aan de slag te zijn met wind en wieken, of water en raderen? En regelmatig ervaringen uit te wisselen met collega’s die ook ‘een klap van de molen’ hebben gehad? Dan is één van deze opleidingen, die worden verzorgd door het Gilde van Vrijwillige Molenaars (GVM) en de Molenstichting Limburg (MSL), misschien iets voor jou!

    Molenaar
    De opleiding is gericht op een verantwoord gebruik van ‘de machinerie’. Daarvoor is theoretische kennis nodig, maar het meeste leer je in de praktijk. De opleiding duurt ongeveer twee jaar en wordt afgesloten met een examen. Daarnaast organiseert het GVM allerhande extra activiteiten, waarbij de leden in contact komen met collega-molenaars binnen en buiten de provincie. Hierdoor kunnen zij hun kennis en kunde op molengebied verder vergroten.

    Molengids
    Tijdens de bijeenkomsten van deze opleiding worden onderwerpen behandeld als molenwereld, veiligheid, educatie en wind-, water -en industriemolens. Ook wordt achtergrondkennis over molens gepresenteerd, in het bijzonder over de molen(s) waar jij als vrijwilliger wilt gaan werken.

    Het cursusprogramma voor de opleidingen Molengids en Molenaar is zo opgezet dat je op elk gewenst moment met de opleiding kunt beginnen. Het theoriegedeelte bestaat uit negen maandelijkse bijeenkomsten van twee uur in het Witte Kerkje in Roermond.

    Klik hier voor meer informatie en het programma najaar 2013/voorjaar 2014.
COOKIES
Deze website maakt gebruik van cookies, in verband met de werking van social media en Google Analytics.
Zo kunnen wij de site steeds verder verbeteren. Er worden geen persoonlijke gegevens opgeslagen.

Wilt u cookies toestaan?